Gedrag en etiquette aan de dartbaan
De bond heeft de gedragsregels voor dartsevenementen in vier groepen gezet: voor iedereen, voor spelers, voor schrijvers en voor supporters. Voor de speler komt het hierop neer: niet intimideren, niet uit de concentratie halen, geduld hebben met de schrijver, alleen ingooien met een lege baan ertussen en het wedstrijdreglement kennen. Terwijl de ander gooit, sta je minstens 60 cm achter hem, stil en uit zijn zicht.
De gedragsregels van de bond
De regels gelden overal waar de bond speelt. Voor iedereen geldt: respect voor elke aanwezige, wie hij ook is en waar hij ook vandaan komt; geen schelden, geen slaan of schoppen tegen banen, afscheidingen of reclame; geen drugs; geen overmatig drankgebruik; roken alleen op de plekken die daarvoor zijn aangewezen; en altijd de aanwijzingen van de officials opvolgen. Wie zich onwelvoeglijk gedraagt en daarmee de dartssport in diskrediet brengt, krijgt een disciplinaire maatregel.
Voor de speler: vijf regels
- Gedraag je niet intimiderend of laatdunkend tegenover je tegenstander.
- Breng je tegenstander niet uit zijn concentratie.
- Bewaar je geduld met een schrijver die minder ervaren of langzamer is.
- Ingooien mag alleen als er een lege baan zit tussen een officiële wedstrijd en de baan waarop je ingooit.
- Zorg dat je het algemeen wedstrijdreglement kent en je eraan houdt.
De vijfde regel is de reden dat DARTEN 58 bestaat. De bond vraagt geen examen, geen bewijs en geen cursus; hij vraagt dat je de regels kent.
Achter de speler en ingooien
Terwijl de ander gooit, sta jij achter hem, op minstens 60 cm van de oche, stil en buiten zijn blikveld. Je loopt niet langs, je praat niet, je rammelt niet met je darts en je zucht niet bij een 26. Dat geldt ook bij een rest van 32 van de ander, en juist dan. Pas als zijn derde dart in het bord zit en de score is geschreven, loop je naar voren voor je eigen beurt.
Voor de partij gooi je in op het wedstrijdbord, hooguit negen darts. Daarna niet meer, en zeker niet op een baan naast een wedstrijd: een dart die naast het bord slaat, en het geluid van drie darts in het sisal, halen een speler uit zijn concentratie.
Voor de schrijver en de supporter
Voor de schrijver gelden vier regels, en ze lijken op die van de speler: niet intimiderend of laatdunkend, onpartijdig, de spelers niet uit hun concentratie brengen en stilstaan zodat de spelers het schrijfbord goed kunnen zien. Voor de supporter zijn het er zes: blijf in het gebied voor supporters en toeschouwers; laat je emoties niet de vrije loop en moedig positief aan; tijdens de beurt van een speler ben je stil en sta je stil; breng spelers niet uit hun concentratie; bewaar geduld met een minder ervaren of langzame schrijver; en maak geen beledigende opmerkingen.
De gebruiken aan de baan
Dit staat nergens in het reglement, maar zo doet iedereen het:
- Voor de partij geef je elkaar een hand, en na de partij weer. Wie verliest, feliciteert de winnaar.
- Je haalt je eigen darts uit het bord, pas als de score is geschreven, en je loopt met je darts naar beneden terug.
- Een dart die op de vloer ligt raap je zelf op, niet je tegenstander.
- Bij een 180 van de ander mag je iets zeggen, als zijn beurt voorbij is. Een applausje hoort erbij.
- Een misser op de dubbel van de ander is geen moment voor commentaar. Niet hardop, niet zacht.
- Je drinkt niet aan de baan, behalve water, en je laat je glas op de tafel erachter.
- Na de partij lever je het wedstrijdformulier in als je gewonnen hebt, en je schrijft de volgende partij als je verloren hebt.
Communiceren aan de baan
Respect afdwingen werkt niet. Respect verdien je: door te laten zien dat je de regels kent, en door goed met elkaar te communiceren. Laat de ander uitpraten, vat samen wat je hoort voordat je reageert en vraag door als iets onduidelijk is. Mist je koppelpartner de dubbel, reageer dan neutraal, speel door en bespreek het na de wedstrijd als feedback. Speel je met een onafhankelijke official, dan staat zijn beslissing: je mag om uitleg vragen, niet om de beslissing terug te draaien.
Veelgestelde vragen over gedrag en etiquette
Waar sta je als je tegenstander gooit?
Minstens 60 cm achter hem, stil en buiten zijn blikveld, tot zijn score is geschreven.
Mag je ingooien naast een wedstrijd?
Alleen als er een lege baan tussen de wedstrijd en jouw baan zit. Een dart die naast het bord slaat, haalt een speler uit zijn concentratie.
Mag je drinken aan de dartbaan?
Niet aan de baan, behalve water uit een flesje. Je laat je glas op de tafel erachter.
Mag je juichen bij een 180 van je tegenstander?
Ja, als zijn beurt voorbij is. Een applausje hoort erbij; tijdens de beurt blijf je stil.
Wat doe je als je het oneens bent over de score?
Laat de ander uitpraten, vat samen wat je hoort en leg het bij twijfel voor aan de scheidsrechter of de organisatie. Een beslissing van een onafhankelijke official staat.