DARTEN 58 — Leer en Speel

De spelregels van darten, in de volgorde van een partij

Darten speel je een tegen een of in teams, met drie darts per beurt op een rond bord aan de muur. Je telt af: allebei begin je op 501 en de eerste die precies op nul uitkomt, met een dubbel, wint de leg. Gooi je meer dan je over hebt, dan ben je bust en telt de beurt niet. Een wedstrijd bestaat uit een oneven aantal legs, meestal best of 5. Hieronder staan alle regels in de volgorde waarin je ze aan de baan tegenkomt, van het bord tot de handdruk na afloop.

Je hoeft deze pagina niet uit te lezen. Spring naar wat je zoekt:

Verderop houd je deze lijst bij de hand: klik boven in de balk op Spelregels.

De baan, het bord en de dart

Het bord is een schijf van 451 mm doorsnee met twintig vakken, een dubbelring, een tripelring, de groene 25 en de rode bull. De 20 zit bovenaan, met links de 5 en rechts de 1. De bull hangt op 1,73 meter boven de vloer, de oche ligt 2,37 meter van de voorkant van het bord en de diagonaal van de bull naar de achterkant van de oche is 2,93 meter. Die maten zijn overal gelijk: op de club, thuis en op het WK.

De oche is bij de NDB een verhoging van 3,8 tot 6 cm hoog en minstens 61 cm breed. Je staat erachter, nooit erop. Het schrijfbord hangt naast het bord, minstens 40 cm van de bull, en het bord is goed verlicht. Een dart mag bij de NDB hooguit 30,5 cm lang zijn en 50 gram wegen.

Het dartbord met de twintig vakken, de dubbelring aan de buitenkant, de tripelring binnenin, de 25-ring en de bull in het midden, met rondom lijnen naar de waarde van een enkele, een dubbel, een triple, de 25 en de bull
Het bord met de 20 bovenaan: een enkele 20 is 20, dubbel 20 is 40, triple 20 is 60, de groene ring om het midden is 25 en de rode bull is 50.

Wie begint

Wie een leg begint, gooit als eerste op de finish, en dat is een voordeel. Bij teamwedstrijden tossen jullie, bijvoorbeeld met een munt. Bij individuele toernooien gooien jullie voor de bull: ieder één dart, en wie het dichtst bij de bull zit, begint. Een dart in de 25 of de bull haalt de scheidsrechter na controle uit het bord voordat de ander gooit. Zitten beide darts even ver, dan gooien jullie opnieuw, in omgekeerde volgorde.

De winnaar begint de eerste leg en alle oneven legs van de partij. De verliezer begint de tweede, de vierde en zo verder.

De bull-off in beeld: de eerste speler gooit één dart, een dart in de 25 of de bull gaat eruit, een dart daarbuiten blijft zitten, de tweede speler gooit, wie het dichtst bij de bull zit begint de eerste leg, en bij twee darts in de 25 of de bull of op gelijke afstand gooien beide spelers opnieuw in omgekeerde volgorde
De bull-off als stappen: de eerste dart, wat er met een dart in de 25 of de bull gebeurt, de tweede dart en de beslissing van de scheidsrechter.

Ingooien en de worp

Voor een partij begint, mag je op het toegewezen wedstrijdbord ingooien: hooguit 9 oefendarts. Elke dart gooi je los, één voor één, in de richting van het bord, met je voeten achter de oche. Wil je vanaf de zijkant gooien, dan blijven je voeten achter de denkbeeldige verlenging van de oche. Een dart die terugkomt van het bord of eruit valt, gooi je niet opnieuw. Raak je een dart aan die in het bord zit, dan is je beurt compleet.

Gaan je darts kapot, dan heb je hooguit 3 minuten om ze te repareren of te vervangen. Tijdens de wedstrijd wordt niet gegeten en niet gedronken, behalve water uit een flesje, en draag je geen koptelefoon, geen oortjes en geen hoofddeksel.

Tellen

Elke dart die in het bord blijft zitten, is een getal. In het grote deel van een vak telt het getal zelf, in de buitenste smalle ring het dubbele, in de binnenste het driedubbele. De groene ring is 25 en de rode bull is 50. T20 is triple 20, 60 punten; de hoogste beurt is drie keer T20: 180. Een dart die naast het bord gaat of buiten de dubbelring blijft steken, telt nul.

Een dart telt alleen als de punt in of tegen de voorkant van het bord zit en daar blijft zitten tot de score is afgeroepen of geschreven. Zit de punt bij een draad, dan telt het vak aan de kant waar de punt het bord binnenkomt. Allebei begin je op 501, en na elke beurt trek je je score af van je rest. De schrijver zet op het schrijfbord twee getallen: wat je gegooid hebt en wat je nog nodig hebt.

Het schrijfbord van de leg tussen speler 1 en speler 2: per speler een kolom gegooid en een kolom rest, van 501 omlaag tot speler 1 met dubbel 20 op nul eindigt
Het schrijfbord zoals het aan de muur hangt, met de kolommen gegooid en rest per speler, van 501 naar beneden.

Een rekenfout mag je verbeteren tot de speler om wie het gaat zijn volgende beurt begint. Gooit hij zijn eerste dart van de volgende beurt, dan blijft staan wat er op het bord staat. Daarom kijk je na elke beurt naar het schrijfbord.

Uitgooien en bust

Je begint een leg zonder dubbel: elke dart telt vanaf het begin mee, dat heet open start. Alleen het einde is streng: de dart die je op nul brengt, moet in de dubbelring zitten. Met een rest van 50 mag je op de bull gooien, want die telt als dubbel 25.

Gooi je meer dan je over hebt, kom je precies op nul maar niet met een dubbel, of houd je 1 over, dan ben je bust. Je beurt telt niet, je score gaat terug naar het begin van de beurt en je tegenstander is aan de beurt. Dat kan al met je eerste of tweede dart: dan is je beurt meteen voorbij.

De bust-regel in drie gevallen en een goede finish: een speler met 32 over gooit 35 en is bust, een speler met 32 over gooit 16 en 16 en is bust omdat de laatste dart geen dubbel is, een speler met 40 over gooit 39 en is bust omdat 1 over nooit uit te gooien is, en een speler met 40 over gooit dubbel 20 en wint de leg; bij elke bust gaat de score terug naar het begin van de beurt
Drie keer bust en een goede finish: de score springt terug naar het begin van de beurt.

Checkouts

De hoogste rest die je in drie darts kunt uitgooien is 170: T20, T20, bull. Zeven getallen kun je niet in drie darts uitgooien: 169, 168, 166, 165, 163, 162 en 159. Een even rest tot en met 40 is één dubbel; van 41 tot 99 gooi je een setup en dan een dubbel. Laat bij een setup een even getal over, liefst 32 of 40: dat blijft na een misser nog een dubbel. De tabel met de routes staat op de pagina Checkouts.

Legs, sets en match

Een match bestaat uit een oneven aantal legs, of uit een oneven aantal sets die elk een oneven aantal legs hebben. Best of 5 betekent: wie het eerst drie legs wint, wint de partij. Er is geen gelijkspel: wie uitgooit, wint de leg, de set of de match. De enige uitzondering is de SuperLeague, waar een hele teamwedstrijd wel gelijk kan eindigen.

Een leg hoeft niet van 501 te zijn: dat is het begingetal voor singles, 701 geldt voor koppels en 1001 voor triples of een heel team. Sets zie je op de club bijna alleen in finales van grote toernooien; op het WK van de PDC bestaat elke partij uit sets.

Leg, set en match als schema: een leg is 501 naar nul, een set is een oneven aantal legs waarvan je de meerderheid moet winnen, een match is een oneven aantal legs of sets; op de club best of 5 legs, op het WK sets van best of 5 legs; wie de eerste leg begint, begint de oneven legs
De drie lagen onder elkaar: de leg, de set en de match, met links hoe het op de club gaat en rechts hoe het op het WK gaat.

De schrijver

De schrijver staat stil tijdens de partij en zorgt dat de spelers het schrijfbord kunnen zien. Hij is onpartijdig en schrijft de juiste score en de juiste rest op. De speler die achter de oche staat, mag hem op elk moment vragen wat hij gegooid heeft en wat hij nog nodig heeft; hij antwoordt met het getal, bijvoorbeeld “32”, en nooit met “dubbel 16”. Op de club schrijft de verliezer van de vorige partij de volgende.

Een schrijver die door de organisatie is aangesteld, is een onafhankelijke official en zijn call is bindend. Een vrijwillige schrijver niet: schrijft hij iets verkeerd op, dan kun je protesteren zolang het nog vóór de volgende beurt van de betrokken speler is.

Protest en conflict

Tijdens het spel zijn alle spelers stil; alleen wie achter de oche staat mag iets vragen. Vind je dat de baan niet voldoet aan de regels, dan protesteer je vóór de wedstrijd begint. Elke andere overtreding meld je onmiddellijk aan de scheidsrechter, en die behandelt het protest vóór de volgende worp. Ontstaat er een conflict dat jullie niet samen oplossen, dan stopt de wedstrijd meteen en beslist de toernooiorganisatie of een official bindend. Protesten na afloop zijn niet geldig.

Gedrag en etiquette

De gedragsregels van de bond voor spelers zijn er vijf: niet intimideren of laatdunkend doen, de ander niet uit zijn concentratie halen, geduld hebben met een schrijver die minder ervaren is, alleen ingooien als er een lege baan zit tussen een wedstrijd en de jouwe, en het algemeen wedstrijdreglement kennen. Terwijl de ander gooit, sta je minstens 60 cm achter hem, stil en uit zijn zicht.

Aan de baan geef je elkaar voor en na de partij een hand, je raapt je eigen darts op, je drinkt niet aan de baan en bij een 180 van de ander zeg je iets aardigs als zijn beurt voorbij is. Een misser op de dubbel van de ander is geen moment voor commentaar.

Het einde van de partij

Zodra je met de juiste dubbel op nul eindigt, roept de schrijver of de scheidsrechter “game shot”. Dat is de bevestiging dat de leg, de set of de match voorbij is, en het geldt alleen als de laatste dart de benodigde dubbel raakte. Haal je darts pas uit het bord als de score is geschreven. De winnaar levert het wedstrijdformulier in, de verliezer schrijft de volgende partij.

En de belangrijkste regel staat nergens in het reglement: je schudt na afloop de hand van je tegenstander. Wie verliest, feliciteert de winnaar.

Wil je meer dan alleen de regels kennen?

Deze pagina geeft je de regels. De complete online dartcursus geeft je de zekerheid: twaalf lessen in dezelfde volgorde als een partij, een infographic bij elke regel, de techniek, de tactiek en de omgangsvormen waarvan je hierboven een voorproefje zag, 125 vragen en elf memokaarten voor naast de baan, plus een toegift over het WK. Gemiddeld vier uur, in je eigen tempo.

Twaalf sporten, dezelfde aanpak

Spelregels, techniek en tactiek, voor elke sport op dezelfde manier.

De cursus, vanaf € 14,99 per speler

Bekijk de pakketten